Hoofdstuk 5 – Acute buikpijn

Werkboek Kinder-MDL › Hoofdstuk 5 – Acute buikpijn

Hoofdstuk 5

ACUTE BUIKPIJN

Herbert van Wering en Dagmar Zeef

Inleiding

Acute buikpijn is een van de meest gemelde klachten in de kindergeneeskunde.

Acute buikpijn die langer dan 3 à 4 uur aanhoudt, heftig is of gepaard gaat met

braken, vereist met spoed nader onderzoek. Op de spoedeisende hulp (SEH)

moet dan worden gedifferentieerd tussen ernstige, mogelijk levensbedreigende

aandoeningen (‘acute buik’), zoals appendicitis en darmobstructie, en minder

bedreigende oorzaken, zoals acute gastro-enteritis en onderkwabspneumonie.

De klinische presentatie en de leeftijd van het kind maken het meestal mogelijk

om een waarschijnlijke diagnose te stellen. Beeldvormend onderzoek, zoals

echografie, conventioneel röntgenonderzoek, MRI en eventueel computertomografie

(CT), kan een belangrijke aanvulling vormen op anamnese en lichamelijk

onderzoek (zie Hoofdstuk 44). Voor optimale beoordeling van een kind

met acute buikpijn en de selectie van de kinderen met ‘acute buik’, dat wil zeggen

de kinderen bij wie mogelijk chirurgisch ingrijpen nodig is, is nauwe samenwerking

tussen kinderarts en (kinder)chirurg essentieel.

Bij ongeveer 10% van de kinderen die op de SEH worden gezien vanwege

acute buikpijn, is sprake van acute buik; bij rond 70% van hen is de oorzaak

niet-traumatisch. Bij zuigelingen gaat het vooral om beklemde liesbreuk (45%)

en invaginatie (40%), bij kinderen ouder dan een jaar vooral (70%) om appendicitis.

Klinische bevindingen

Anamnese. Acute buikpijn kan gepaard gaan met koorts, braken, bewegingsdrang,

kolieken, opgezette buik, diarree en obstipatie. Bij de anamnese vraagt

men naar de aard van de pijn, andere symptomen, relevante aspecten van de

voorgeschiedenis (inclusief een korte voedingsanamnese) en naar aandoeningen

in de familie (Tabel 5-1).

Tabel 5-1. Anamnese bij acute buikpijn

ASPECT VRAGEN NAAR

Aard van de pijn Bewegingsdrang

Lokalisatie en uitstraling

Stekend, kloppend of krampend

Verergerende factoren

Verlichting gevende factoren

Vervoerspijn

Maag-darmsymptomen Anorexie

Diarree of obstipatie

Misselijkheid en braken

Overige symptomen Dysurie

Hoofdpijn

Keelpijn, hoesten, oorpijn

Koorts

Relevante voorgeschiedenis Bezoek aan buitenland

Eerder onderzoek, eerdere behandeling

Eerder dergelijke klachten gehad

Recente voedselinname

Zieken in gezin of omgeving

Familieanamnese Ziekten in de familie (sikkelcelziekte, familiaire

mediterrane koorts, appendicitis)

Overige Aanwijzingen voor seksueel overdraagbare

aandoening

Aanwijzingen voor seksueel misbruik

Gebruik spiraaltje

Menarche, dysmenorroe

Lichamelijk onderzoek. Bij het lichamelijk onderzoek let men op de algemene

conditie (inclusief pols, ademhaling, saturatie meting en bloeddruk) en op symptomen van

acute buik, zoals snelle klinische achteruitgang, gallig braken, harde of opgezette,

hypertympanische buik, loslaatpijn en aanwijzingen voor intra-abdominale

vochtophoping. Als een acute buik niet kan worden uitgesloten en als het

oriënterend onderzoek geen aanwijzingen geeft voor een andere diagnose,

moet de (kinder)chirurg in consult worden geroepen.

Differentiaaldiagnose

De oorzaken van acute buikpijn kunnen worden ingedeeld naar leeftijd (Tabel

5-2). In de tabel wordt ook aangegeven welke aandoeningen een ernstig en

mogelijk levensbedreigend beloop kunnen hebben; in de meeste gevallen zijn

dat ook de aandoeningen waarbij (kinder)chirurgische expertise en eventueel

interventie nodig is. Voor zover de aandoeningen op maag-darm-levergebied

liggen en niet elders in dit werkboek aan bod komen, worden ze kort besproken.

De niet-gastro-enterologische aandoeningen komen merendeels aan bod

in de andere werkboeken.

Aandoeningen

Acute appendicitis. Dit is de meest voorkomende chirurgisch behandelbare

oorzaak van acute buikpijn. Aan blindedarmontsteking moet worden gedacht

bij constante buikpijn met misselijkheid en braken in combinatie met matig

verhoogde lichaamstemperatuur. Pas als appendicitis is uitgesloten, wordt de

differentiaaldiagnose verder afgewerkt. Er lijkt een familiaire predispositie voor

acute appendicitis te bestaan. In de westerse landen daalt de incidentie de

laatste decennia; het risico om in de loop van het leven acute appendicitis

door te maken is voor vrouwen 6,7% en voor mannen 8,6%. De verdenking op

appendicitis leidt echter tot appendectomie bij 23,1% van de vrouwen en 12%

van de mannen; veel appendices worden dus onnodig verwijderd.

Klinische bevindingen. In typische gevallen begint de pijn rond de navel

en zakt deze af naar de rechteronderbuik. Er kan lokaal drukpijn en/of loslaatpijn aanwezig zijn,

eventueel met actief spierverzet of contralaterale drukpijn als uiting van lokale

peritoneale prikkeling. Soms zijn de kinderen ogenschijnlijk weinig ziek, met

alleen geringe drukpijn rechtsonder, soms ook liggen ze stilletjes met diepliggende

ogen in bed en doet elke aanraking of zelfs stoten tegen het bed pijn. De

weinig zieke kinderen geven differentiaal diagnostisch de meeste problemen;

naast beginnende appendicitis kunnen bijvoorbeeld ook functionele obstipatie

en acute gastro-enteritis het beeld verklaren.

Diagnostiek. Appendicitis is in principe nog steeds een klinische diagnose.

Als er onvoldoende duidelijkheid bestaat, kunnen bloedbeeld, CRP en urineonderzoek

aanvullende informatie geven. Echografie kan een verdikte, soms

door vocht omgeven appendix tonen. CT geeft geen betere informatie en heeft

als nadeel de grote stralenbelasting. MRI heeft dan ook sterk de voorkeur t.o.v. een CT als bij de echo de appendix niet a vue komt. Daarnaast kan i.o.m. de kinderchirurgie bij een sterke klinische verdenken en geen conclusieve beeldvorming ook direct voor een operatie worden gekozen.

Tabel 5-2. Oorzaken van acute buikpijn

LEEFTIJD CATEGORIE AANDOENINGEN

Pasgeborenen Ernstig Adhesies

Necrotiserende enterocolitis

Volvulus

Ziekte van Hirschsprung

Frequent Kolieken

Overige Koemelkallergie

Torsio testis

2-24 maanden Ernstig Adhesies

Beklemde liesbreuk

Ingestie corpus alienum

Hemolytisch-uremisch syndroom

Invaginatie

Kindermishandeling

Malrotatie en volvulus

Trauma

Frequent Acute gastro-enteritis

Virusinfectie

Overige Koemelkallergie

Hepatitis

Intra-abdominale tumor

Meckeldivertikel

Sikkelcelcrisis

Urineweginfectie

2-5 jaar Ernstig Adhesies

Appendicitis

Hemolytisch-uremisch syndroom

Ingestie corpus alienum

Invaginatie

Kindermishandeling

Spontane bacteriële peritonitis

Trauma

Frequent Acute faryngitis

Acute gastro-enteritis

Obstipatie

Virusziekte

Tabel 5-2. (vervolg)

LEEFTIJD CATEGORIE AANDOENINGEN

Overige Acute hepatitis

Henoch-schönleinpurpura

Intra-abdominaal abces

Meckeldivertikel

(Onderkwabs)pneumonie

Sikkelcelcrisis

Torsie van het ovarium

Tumor

Urineweginfectie

Boven 5 jaar Ernstig Adhesies

Appendicitis

Diabetische ketoacidose

Hemolytisch-uremisch syndroom

Myocarditis, pericarditis

Geperforeerd peptisch ulcus

Spontane bacteriële peritonitis

Trauma

Frequent Obstipatie

Acute gastro-enteritis

Virusziekte

Acute faryngitis

Overige Abdominale migraine

Acute cholecystitis

Acute hepatitis

Acute pancreatitis

Familiale mediterrane koorts

Gebarsten ovariumcyste

Henoch-schönleinpurpura

IBD

Intra-abdominaal abces

Meckeldivertikel

(Onderkwabs)pneumonie

Sikkelcelcrisis

Torsie van het ovarium

Torsio testis

Behandeling. Appendectomie is nog steeds de standaardtherapie; momenteel

wordt onderzoek gedaan naar conservatieve behandeling van ongecompliceerde

appendicitis. Bij niet-geperforeerde appendix leidt preoperatieve toediening

van breedspectrumantibiotica tot significante reductie van het percentage

wondinfecties en intra-abdominale abcessen.

Invaginatie. Invaginatie komt vooral voor bij kinderen tussen 6 en 18 maanden

oud; bij oudere kinderen is er vaak een uitlokkende factor, bijvoorbeeld een

Meckel divertikel. Als regel betreft het een ileocolische invaginatie; een Meckel divertikel

veroorzaakt meestal een ileo-ileale invaginatie. De aandoening

veroorzaakt kenmerkende symptomen van aanvalsgewijze krampende buikpijn

met bewegingsdrang, afgewisseld met klachtenvrije perioden. Na verloop

van tijd wordt slijmerige, met bloed gemengde ontlasting geproduceerd. In de

buik kan een vast aanvoelende massa worden gevoeld. Tijdens een aanval is

er actief spierverzet, maar geen défense musculaire. Bij echografie kunnen de

in elkaar geschoven darmdelen het beeld van een ‘schietschijf’ geven. De behandeling

bestaat uit repositie van de geïnvagineerde darm tijdens een coloninloop

met waterig contrastmiddel. De recidiefkans is 10 à 20%. Als radiologische

repositie niet lukt, is operatie aangewezen.

Trauma. Stomp buiktrauma komt vaker voor dan penetrerend trauma. Over

het algemeen levert de anamnese voldoende informatie over de aard van het

trauma; bij een inconsistent verhaal moet aan kindermishandeling worden gedacht.

Trauma kan schade aan huid en spieren veroorzaken, maar men moet

vooral bedacht zijn op darmperforatie, darmwandhematoom, laceratie of hematoom

van lever of milt en in ernstige gevallen avulsie van intra-abdominale

organen of vaatstructuren.

Malrotatie. Er is grote variatie in de presentatie van malrotatie. Als malrotatie

acute buikpijn veroorzaakt, betreft het een ernstig probleem dat directe kinderchirurgische

actie vereist. Bij pasgeborenen kan darmischemie acute heftige

buikpijn met gallig braken veroorzaken. De buik hoeft niet opgezet te zijn en er

is in eerste instantie ook geen peritoneale prikkeling. Wel heeft het kind vaak

een facies abdominalis. De diagnose kan worden gesteld op een BOZ, met

weinig lucht in de buik, en met dopplerechografie, waarbij arteria en vena mesenterica

superior van positie verwisseld zijn. De behandeling bestaat uit chirurgische

derotatie.

Volvulus van de dunne darm. Volvulus is meestal een complicatie van malrotatie;

een andere oorzaak is strengvorming, bijvoorbeeld als restant van de em-

bryonale ductus omphaloentericus. Volvulus leidt tot acute heftige buikpijn

met gallig braken en actief spierverzet. De BOZ laat uitgezette darmlissen zien,

vaak gecentreerd rond de plaats van de obstructie. Ter voorkoming van darmischemie

is snelle operatieve behandeling nodig.

Beklemde liesbreuk. Liesbreuken geven in het algemeen geen last; soms

gaan ze gepaard met pijn, misselijkheid en braken. Een enkele keer kan er

een darmlis in beklemd raken. Bij lichamelijk onderzoek wordt dan een vast

aanvoelende zwelling in de lies gepalpeerd. De buik kan opgezet zijn en het

kind kan (gallig) spugen. Meestal is de diagnose beklemde liesbreuk klinisch

te stellen, maar met echografie kan beter worden vastgesteld welke structuren

zich in het lieskanaal bevinden. Chirurgisch ingrijpen is op korte termijn geïndiceerd.

Adhesies. Eerdere buikchirurgie is de meest voorkomende oorzaak van adhesies.

Niet- chirurgische oorzaken zijn appendixruptuur, bestraling van de buik

en gynaecologische en abdominale infecties. De symptomen variëren. Typische

klachten zijn krampende buikpijn rond de navel gevolgd door abdominale

distensie en verminderde flatus. Eten kan de klachten soms doen toenemen.

Op den duur ontstaan misselijkheid en braken als gevolg van de

darmobstructie. Deze kan echter intermitterend zijn.

Op de BOZ kunnen gedilateerde darmlissen zichtbaar zijn. Een scherpe

hoek in het verloop van de darmlissen bij contrastonderzoek is suggestief voor

adhesies. Met echografie en CT kunnen andere oorzaken worden uitgesloten.

In eerste instantie wordt de patiënt nuchter gehouden en krijgt hij een maagsonde

ter ontluchting. Als de symptomen daarmee niet verminderen, kan chirurgische

adhesiolysis nodig zijn.

Spontane bacteriële peritonitis. Spontane bacteriële peritonitis (SPB) ontstaat

als de ascites bij patiënten met bijvoorbeeld levercirrose of nefrotisch syndroom

geïnfecteerd raakt, zonder dat er sprake is van perforatie of een intra-abdominaal

focus. Zie verder Hoofdstuk 52.

Acute cholecystitis. Het belangrijkste symptoom van acute cholecystitis is pijn

in de buik, rechts onder de ribben. Andere klachten zijn pijn in de rechterschouder,

misselijkheid en braken, koorts en koude rillingen, opboeren en

branderige pijn in de maagstreek en achter het borstbeen. Als de ontsteking

tot galwegobstructie leidt, kunnen icterus en ontkleurde ontlasting aanwezig

zijn. Soms leidt de obstructie tot pancreatitis.

Intra-abdominaal abces. De symptomen variëren van malaise, anorexie en

gewichtsverlies tot shock en acute buik. Intra-abdominale abcessen kunnen

zijn ontstaan uit een lokaal probleem, zoals een geperforeerde appendix, door

trauma of aansluitend aan een buikoperatie. Bij lichamelijk onderzoek is de

buik lokaal gevoelig; soms is er een palpabele massa. Met CT en echografie

kan het abces in beeld worden gebracht, door middel van echogeleide percutane

punctie of chirurgische drainage kan gerichte microbiologische diagnostiek

worden ingezet. Drainage heeft ook een therapeutische functie.

Meckel divertikel. Het Meckel divertikel is een restant van de embryonale ductus

omphaloentericus. De meeste Meckel divertikels geven geen problemen,

maar als er zich zuurproducerend maagslijmvlies in bevindt, kan het maagzuur

ontsteking en ulceratie veroorzaken, leidend tot buikpijn en eventueel helderrood

bloedverlies rectaal. Perforatie geeft een peritonitisbeeld dat soms moeilijk

te onderscheiden is van een geperforeerde appendix. Bij verdenking op

een Meckel divertikel kan scintigrafie worden verricht onder ranitidinetherapie.

De behandeling is operatief.

Literatuur

De la Hunt MN. The acute abdomen in the newborn. Sem Fetal Neonat Med 2006;11:191-

7.

Driel APG van, Vos A. Beklemde liesbreuk bij een kind: eerst reponeren. Ned Tijdschr

Geneeskd 1996;40:1161-3.

Festen C. ‘Acute buik’ bij kinderen. Ned Tijdschr Geneeskd 1999;143:182-5.

Hammond P, Curry J. Paediatric acute abdomen. Hosp Med 2004;65:686-9.

Lee SL, Islam S, Cassidy Ld, et al. Antibiotics and appendicitis in the pediatric population:

an American Pediatric Surgical Association Outcomes and Clinical Trials

Committee systemic review. J Pediatr Surg 2010;45:2181-5.

Leung AKC, Sigalet DL. Acute abdominal pain in children. Am Fam Physician

2003;67:2321-6.

Mueller PD, Benowitz NL. Toxicologic causes of acute abdominal disorders. Emerg Med

Clin North Am 1989;7:667-82.

Ross A, LeLeiko NS. Acute abdominal pain. Pediatr Rev 2010;31:135-44.

Tseng Y-C, Lee M-S, Chang Y-J, et al. Acute abdomen in pediatric patients admitted to the

pediatric emergency department. Pediatr Neonatol 2008;49:126-34.

Richtlijn zorg bij kinderen met acute appendicitis. FMS richtlijnendatabase 01-07-2019