Definitie en normaalwaarden

Werkboek Kinderendocrinologie › Hypoglycemie › Definitie en normaalwaarden

De definitie van een hypoglycemie op de kinderleeftijd is niet eenduidig. De optimale bloedglucosewaarde waarbij je schade voorkomt zonder overdiagnostiek te verrichten of te agressief te behandelen, is niet precies bekend. 

Tabel 1. Leeftijdsspecifieke grenswaarden glucose

Leeftijd Glucose (mmol/L)
Jonger dan 48 uur 2.6 mmol/L (47 mg/dl)*
Neonaat ouder dan 48 uur, zuigelingen en kinderen
  1. mmol/L (60 mg/dl)

*De Hypo-exit studie toont dat wellicht een grenswaarde van 2,0 mmol/l (36 mg/dl) in een selecte groep pasgeborenen ook veilig kan zijn (1)

Voor grenswaarden met betrekking tot diagnose en behandeling van de neonaat in de eerste 48 uur postpartum wordt verwezen naar de NVK-richtlijn ‘Screening, preventie en behandeling van neonatale hypoglycemie’ (link).

Voor oudere kinderen, die hun klachten kunnen uiten, kan gebruik worden gemaakt van de Whipple’s triad van symptomen:

  • Het optreden van kenmerkende symptomen van hypoglycemie

  • Een gemeten lage bloedglucose onder de 3,3 mmol/l

  • Het verdwijnen van de symptomen na het stijgen van de bloedsuiker